
‘Ik zou iets willen zeggen want er is veel om uit te leggen’, zo zong Benny Neyman al in 1980.
Er zijn veel mensen die het zich afvragen. Bijvoorbeeld:
‘Ik wil wel koken vanavond, maar ik weet niet hoe’.
‘Ik heb dan wel een probleem waar ik aan moet werken omdat ik elke keer weer keihard tegen hetzelfde aanloop. Maar ik weet niet hoe’.
Lekker makkelijk.
Af en toe neurie ik het. Hij weet niet hoe. Steeds harder. Bij elke klemtoon psychotischer.
‘Ik zou hem willen dwingen, er is zoveel om over te zingen…’
‘Hij weet niet hoe, hij weet niet hoe, hij weet niet hoe!’
Geplaatst onder: Absoluut geen fictie. Helaas niet! op 19 July 2010 | 9 reacties. Reageer ook »

‘Het weer symboliseert mijn stemming’, dacht ik vanavond nog zwartgallig. Noodweer. Bliksem. Keiharde regenstralen die in je gezicht slaan tot er rode striemen overblijven. Een ingeslikte steen die in je buik ligt. Een algeheel gevoel van rotheid.
Mijn zwartgallige gedachten hielpen me niet om me beter te voelen. Daarom belde ik mijn vader. Het ging goed met hem. Hij was blij dat hij zich geen zorgen hoefde te maken en samen met mijn moeder maakte hij er het beste van.
Opgelucht hing ik op.
Het weer symboliseerde de situatie.
Mijn ouders verdienen een heleboel regen.
Lintjesregen.
Geplaatst onder: Zonder rubriek op 14 July 2010 | 6 reacties. Reageer ook »

‘Mag ik u een boekentip geven?’, vraag ik aan de mevrouw die mij passeert. Ik overhandig haar deze Koosje deurhanger: Koosje deurhanger.JPG
De mevrouw vraagt waar mijn boek over gaat. Ik leg uit. Bipolaire stoornis, wisselende stemmingen en het taboek.
‘Ik vind het eng’, zegt ze.
‘Dat is juist waarom ik hier sta’, zeg ik.
‘Wil je er iets in schrijven voor mijn zus?’, vraagt een vrolijke jonge vrouw.
‘Natuurlijk!’, zeg ik. Ik pak meteen mijn lievelingspen.
‘Mijn zus wil haar lithium niet nemen. Maar nu is ze manisch en dat vinden we zo lastig’.
Ik schrijf iets voor haar zus in Koosje.
‘Dank je wel’, zegt de mevrouw.
En zo spraken we die middag op Utrecht CS over koetjes, kalfjes en bipolaire stoornissen. Want het moet maar eens afgelopen zijn met dat taboe. Vindt u ook niet?
Met speciale dank aan het bijzondere Koosjepromotieteam dat een vrije en vooral zonnige donderdagmiddag/avond inleverde om een taboe te doorbreken.
Geplaatst onder: Absoluut geen fictie op 8 July 2010 | 7 reacties. Reageer ook »

De hele week had ik er al last van en vandaag werd het erger. Tintelingen in mijn handen. Mijn voeten begonnen ook mee te doen en ik kon mijn favoriete zomerschoentjes niet meer aan. Zo dik waren mijn eens zo slanke pootjes. Prikkende armen. Jeuk. Druk op mijn hoofd.
‘Waarom bel je de huisartsenpost niet even?’, vroeg mijn lief.
In gedachten stortte ik al ineen in mijn werkkamer. Mijn vrolijke koffiemok van Blond met het laatste beetje koude koffie naast mijn geopende lapotop waar ik vanochtend nog op had getwitterd. Ik zou weggedragen worden. Er zou een dramatische begrafenis zijn. Mijn familie zou huilend om mijn kist staan.
Want ze was echt dood. Mijn Lief zou alleen in ons nieuwe huis gaan wonen. Hij zou flink zijn. Gaan schuren en schilderen en opnieuw verliefd worden. Af en toe zou de naam ‘Carice’ nog eens vallen.
‘Dat was een drama, op die zaterdagmiddag in juli. Het was warm. Ze had net nog getwitterd. Jeroen vond haar dood in de studeerkamer’.
De nieuwe liefde van mijn lief zou haar schouders ophalen. Ze zou hun dochtertje laten schommelen en haar zachtjes aanduwen.
‘Maar als zij niet dood was gegaan, stond ik hier nu niet’.
‘Oke’, zei ik. ‘Ik bel wel even’.
De vinnige doktersassistente vraagt me waarom ik niet eerder heb gebeld.
‘Ik heb expres gewacht tot zateredag’, zeg ik. ‘Ik vind het leuk om de dokterspost te bellen’.
De dokter zou me later terugbellen.
‘U bent bipolair he?’, stelt de dokter vast.
‘Hoezo?’, vraag ik verbolgen.
‘En daar heeft u VAN ALLERLEI medicijnen voor?’
‘Van allerlei’, doe ik geirriteerd. ‘Alleen lithium’.
‘Ik zal even kijken of het een bijwerking is’.
‘Dat hoeft niet hoor’, vind ik. ‘Ik ken lithium. Ik slik het al jaren’.
‘Heeft u stress?’
Ik laat een aantal stressfactoren van afgelopen week achterwege.
‘Nee hoor!’, zeg ik snel.
‘Tintelingen zijn niet ernstig’, zegt de dokter.
‘O’, zeg ik. ‘Ik dacht dat ik een tumor had ofzo’.
‘Een tumor!’, schrikt hij. ‘Waar dan?’
‘Weet ik veel’, zeg ik. ‘Ik ben geen dokter’.
Opgelucht leg ik de telefoon neer en ga verder aan het werk. Voorlopig ga ik nog niet dood.
Foto: KliK!
Geplaatst onder: Absoluut geen fictie op 3 July 2010 | 12 reacties. Reageer ook »

Kent u de chaostheorie?
De chaos in mijn hoofd lijkt dan wel onoverzichtelijk, maar de puinhoop schijnt toch geordend tot stand te komen.
Geplaatst onder: Absoluut geen fictie op 28 June 2010 | 6 reacties. Reageer ook »

Die Koosje duikt ook overal op. Natuurlijk wil ze niet uitgeleend worden en graag in iedere boekenkast haar eigen plekje, maar voor de bibliotheek maakt ze dolgraag een uitzondering.
Foto: D. Wuring
Geplaatst onder: Zonder rubriek op 22 June 2010 | 14 reacties. Reageer ook »

Ze voelt zich er zo thuis, die Koosje van mij.
Dolle Dwaze Koosjes.
Geplaatst onder: Absoluut geen fictie op 20 June 2010 | 5 reacties. Reageer ook »

Groepssessies, kleisessies en therapiesessies. Ik ken ze allemaal.
Maar nu zat ik dan echt in mijn mooiste jurk achter een tafel met een stapel Koosjes voor een signeersessie. Naast mij mijn allerbeste vriendin. In mijn hand mijn lievelingspen. Om mij heen boeken die niet allemaal ‘Koosje’ heetten. Zo gaat dat in een boekwinkel. Daar zijn ook andere boeken te koop.
‘Ik wil graag uw boek kopen’, zegt een meneer met een keurig, grijs golvend kapsel.
‘Voor wie is het?’, vraag ik netjes. Ik glimlach omdat ik denk dat dat zo hoort bij schrijfsters.
‘Het is voor ‘meneer’,’ zegt de meneer. ‘Dat ben ik’.
Ik schrijf: ‘Voor meneer’, in Koosje.
‘We hebben veel met elkaar gemeen. Misschien kan ik nog wat van Koosje leren’.
Ik glimlach en overhandig Koosje aan de meneer. De meneer sluit aan in de rij voor de toonbank. Koosje in zijn hand geklemd.
Ze vindt haar weg wel, Koosje van me.
Geplaatst onder: Zonder rubriek op 19 June 2010 | 6 reacties. Reageer ook »

Heeft u dat ook wel eens? Dat u zomaar volschiet? Bijvoorbeeld van een klein meisje dat achterop de fiets met het lange haar van haar moeder speelt. Of van een jonge, hardwerkende netnietmeer-puber die een prijs in de wacht sleept omdat hij de meest veelbelovende piloot van het jaar blijkt te zijn.
Vanochtend kreeg ik een mailtje. Van een meisje dat een tijdschrift onder haar neus kreeg geduwd van haar moeder. Er stond een interview in met Carice de Wildt.
‘Lees dat maar eens’, zei haar moeder.
‘Dat ben ik’, zei het meisje. Ze keek verbaasd naar haar moeder.
‘We gaan nu hulp zoeken en jouw boek bestellen’, mailde ze.
De rest van de dag kon ik wel vrij nemen.
Geplaatst onder: Absoluut geen fictie op 16 June 2010 | 13 reacties. Reageer ook »

Ineens was ik hartstikke jaloers op mijn eigen Koosje.
Hoe kwam zij op die fanTAStische plek terecht?
Geplaatst onder: Absoluut geen fictie op 13 June 2010 | 6 reacties. Reageer ook »